zaterdag 14 april 2012

Veranderkundig adviseren, een reflectie.

Adviseren in een wereld van risicobewustzijn, omgaan met onzekerheden, gedrag, gezondheid...? Waarom eigenlijk? En wat is het? Een reflectieverslag op deze week....

Het schrijven ervaar ik als een weg maken door een oerwoud, waarbij er plekken zijn die te mooi zijn voor woorden, maar ook gevaarlijke en donkere. Zo regent het af en toe. En wanneer je het koud hebt, schijnt ineens de zon weer. Walter en ik zijn nu bijna twee jaar bezig. Kluwer is geduldig. De eigen visie, theorieen en voorbeelden komen steeds duidelijker uit de verf. Soms ook niet en verdwalen we. Ook zijn er momenten waarop het schrijfproces even stilstaat. En het denkproces op volle toeren verder gaat. Gisteren was zo'n moment. Na een afspraak met een goede collega, was ik even weer terug op aarde. En vooral ook terug bij mezelf. Wat is nu het geval? We zijn van breed naar smal gegaan, en weer van smal naar breed, met heel duidelijk een perspectief. Namelijk, arbo van koud naar warm te maken ofwel van moeten naar kunnen en willen. Niemand zit te wachten op een saaie en slechte RI&E..wij hebben in de prakijk meegemaakt hoe het ook kan...persoonlijk, met oog voor het leerproces en waar mensen zelfs vrolijk van worden. En zo kan het zelfs gebeuren dat een leuke aanpak ertoe kan leiden dat mensen ook in het vak willen duiken....

In het boek hebben we een visie over wat zo dichtbij menselijk gedrag staat: overleven en gevaren. Door deze basis doen we de dingen die we doen. Ook op de werkvloer. Daar tegenover staat zin geven en is er het "modernere" riscio denken. In organisaties gaat het hand in hand met leren. En het leertraject voor de arbo professional/HR adviseur is als volgt:
weten - doen/ervaren - eigenmaken - professionaliseren.

En stel je eens voor. Je komt binnen bij een organisatie. Jij hebt je eigen leercycli doorlopen...prima. Het bedrijf ook! En zo bestaat er in een organisatie een soort van "collectief geheugen". Jij als advsieur bent daar aanvankelijk nog geen onderdeel van. Hoe ga je dan te werk?
Pak je dan een checklist? Of ga je overal langs? Een stille observatieronde heeft voor en nadelen. Enerzijds kun je rustig gedragingen oberveren, anderzijds onthouden mensen je al snel niet meer. Wanneer je je bewust bent dat je onderdeel gaat worden van een nieuw "collectief geheugen" en dat je daar op elk moment een bijdrage aan kunt leveren...dan krijgt adviseren een andere dimensie. Want hoe onthouden mensen? En hoe ontstaat dat "collectieve geheugen"? .....door simpelweg ervaringen te delen met elkaar?

Om het proces uit te leggen heb ik mijn eigen favoriete manieren. Door middel van metaforen.
Bijvoorbeeld: zie een organisatie als een schilderij dat op een dag een bepaalde vorm heeft. Op dat moment kom je binnen. De organisatie wil wat meer zachtgroen in het schilderij....kun jij dat bieden? Heb je je kwast klaar liggen? Helpt een papieren checklist?.....Aanvankelijk misschien wel. Uiteindelijk niet als hoofdzaak. Je kunt een verfstaaltje laten zien (checklist). Om zo met de klant af te stemmen of ze zachtgroen bedoelen of zachtzeegroen. De praktijk leert dat de adviseur vervolgens  de kleurstaal in de bijlage van een rapport stopt, waarin staat welke keuze het is geworden. Maar het schilderij is dan nog niet veranderd. Pas wanneer je zelf als adviseur ook de kwast pakt en kleur geeft binnen de organisatie, heb je kans dat je inbreng onderdeel gaat worden van het "nieuwe" collectieve geheugen. Je kunt zo van binnenuit veranderen. En dat is precies de bedoeling bij veranderkundig adviseren. Veel veranderingen bestaan uit programma's. Dat heeft zijn oorsprong in het leger. Terwijl ze daar nu ook een andere aanpak kiezen. Ze omsingelen niet maar...maar gaan naar binnen en delen hun ervaringen.

Tot zover mijn reflectie van deze week.
Fijn weekend!

donderdag 2 februari 2012

complimenten dragen niet bij aan bevlogenheid en veilig werken

Inleiding en dilemma
Onderweg in de auto kijk ik regelmatig terug op de dag. Daarbij tref ik in toenemende mate leed aan in organisaties wanneer ze bewust aan de slag gaan met het onderwerp “bevlogenheid”. Na 16 jaar stoeien  met veranderkundige trajecten rondom arbeidsveiligheid, stresspreventie, teamcoaching, arbeidsomstandigheden en kwaliteitszorg dacht ik toch al veel "missers" gezien te hebben. De laatste 3,5 jaar kwam daar ineens het onderwerp bevlogenheid bij. En onlangs “popte” de volgende stelling op: "complimenten dragen niet bij aan bevlogen medewerkers en veilig werken".

Zoektocht
Dit inspireerde mij om op onderzoek uit te gaan over dit onderwerp. Het eerste wat ik tegenkwam is een Amerikaans onderzoek. "Veelvuldig complimenten geven aan jongeren draagt bij aan het minder presteren van groepen studenten....en minder creativiteit en doorzettingsvermogen". Dit klinkt naar mijn mening logisch wanneer je onze historie als mens goed beschouwt. De mens is zeer creatief als we “de pijn” of frustratie voelen van nog niet bereikte doelen, wensen en dromen.
Bovendien gaan een aantal hoogleraren met complimenten theorieën wat ver door te stellen dat het geven van complimenten ingezet kan worden als instrument om bevlogenheid te bevorderen. Dit legt een van hen uit met een experiment (N=1) met zijn "parkiet"...wel leuk maar absoluut buiten de scope van de organisatiecontext gebracht.

Afijn, na wat leeswerk, geven van trainingen aan mensen binnen deze organisaties (sfeer is om te huilen sinds de complimentjes..) en een paar stappen verder, concludeer ik voorlopig dat het inzetten van dit instrument een “onmenselijke” wens is van wetenschappers, en voorbij gaat aan onze aangeboren talent voor empathie: waarbij transformatie begint met oprecht contact tussen mensen.

Het dilemma liet mij niet los. Dus ging ik verder zoeken en stuitte op het volgende:
- A. Kohn schreef ooit het het opzienbarende boek Punished by Rewards (Kohn, 1993). In dit boek laat de auteur zien dat het gebruiken van beloningen om iets gedaan te krijgen van mensen vaak ineffectief en zelfs schadelijk is: “The praise problem”. Het probleem met het complimenteren van mensen. Hij beschrijft een rijtje van manieren waarop complimenteren schadelijk voor het functioneren van mensen kan zijn:
Een eerste voorbeeld van schade door complimenten kan optreden wanneer je iemand complimenteert voor het slagen in een eenvoudige taak. Dit kan ertoe leiden dat iemand het gevoel heeft dat er weinig van hem of haar verwacht wordt (“Blijkbaar is dit al goed genoeg…”). Kohn geeft als tweede voorbeeld dat complimenteren kan leiden tot minder lang volhouden tot minder geconcentreerd functioneren. Hij spreekt van compliment-verlamming (praise paralysis).

Vervolgens zijn er verschillende onderzoeken te vinden die aantonen dat mensen die complimenten geven lang niet altijd geloofwaardig overkomen. Een ruime meerderheid van 64% van de respondenten gelooft niet altijd elk compliment[1]. Daarentegen blijkt dat 80% van de Nederlanders eerlijk te zijn bij het geven van een compliment. Dit hoge percentage is wel vooral het gevolg van de eerlijkheid van de Nederlanders ouder dan 30 jaar. Van Nederlanders onder de 30 jaar is namelijk één op de drie respondenten niet altijd eerlijk. (Bron: DA 'Leve je Lijf' heeft een consumentenonderzoek laten uitvoeren door Maurice de Hond naar de waardering van complimenten)

Mijn zoektocht ging verder, waarbij ik de volgende uitspraak tegenkwam: "Een beloning is iets waar je naartoe moet werken. Het moet erkenning geven voor hun vorderingen.” Vertaald naar een organisatie betekent dat de inspanning van de manager beloont moeten worden in plaats van het aantal ongevallen of een laag verzuimcijfer.

Weer even verder rederen….....mensen ontvangen in de praktijk vaak tegenstrijdige boodschappen. Namelijk een compliment met nonverbaal gedrag dat hier niet bij past..dan krijg je schizofrene situaties. Deze dubbele boodschap is een vorm van een communicatie-paradox, die voor het eerst is beschreven in gezinnen met een schizofreen gezinslid. Er wordt bijvoorbeeld met woorden uitdrukking gegeven aan complimenten met daarbij tegenstrijdig non-verbaal gedrag van afstandelijkheid. Of een medewerker wordt aangemoedigd om vrijuit te spreken, maar wordt elke keer als het dat daadwerkelijk doet in de groep uitgelachen. En zo zijn er meer voorbeelden van verborgen leed door complimentenbeleid.

Wie doet mee met een beetje gezond verstand?
Vleuten, februari 2012.
[1] http://taalunieversum.org/nieuws/1358/nederlander_wil_meer_spontane_complimenten_krijgen

woensdag 11 augustus 2010

Veranderkundig Adviseren

Arboprofessionals zijn bezige mensen. U vast ook. Wat bent u op het ogenblik aan het doen? Het voorbereiden, presenteren of uitvoeren van een project? Vaak gaat dat goed. Maar soms niet. Op deze site kunt u reageren op de stellingen, zoals verwoord in het vakblad Arbo. De eerste aflevering van de serie over veranderkundig adviseren gaat in op de rollen die arbomedewerkers spelen, en naar hun stijl van werken.
 
Case 1: de harde en zachte kanten van een metaalbedrijf

Discussie

Al is het uiteindelijk nog net goed gekomen, er is hier vanaf het begin veel misgegaan. Wat zijn de voor- en nadelen als een arboprofessional te veel meegaat met de gedachten van zijn baas? Hoe staan projectmanagement en dialoogmanagement tegenover elkaar? Deze KAM-medewerkster had beter meteen een plan kunnen maken over een regie-rol voor haarzelf en de manager op een participatieproject…

Stelling: open projecten zijn onvoorspelbaar qua tijd en opbrengst maar leiden uiteindelijk tot meer succes.
 
Case 2: de preventiemedewerker stuur op energie bij anderen

Discussie

Als deskundige heb je de neiging zelf vol energie problemen aan te pakken. Wat vindt u van dit voorbeeld waarbij de professional de energie bij de ander stimuleert? Wat zijn uw ervaringen met deze werkwijze? En wat zijn de voordelen en de valkuilen?

Stelling: Het succes van de arboprofessional hangt deels af van zijn expertise maar deels ook van andermans energie. Het opwekken daarvan is een integraal onderdeel van zijn vak.

 
Voor deze serie hebben wij samengewerkt met het vakblad Arbo en Paul Kloosterboer, zijn artikelen zijn:
 

dinsdag 20 april 2010

Over de organisatie van kleine professionele groepen: succes door kwaliteit

Een klein resumeetje n.a.v. de praktijk

De basistaken voor elke kleine groep zijn vastgelegd door Quinn:
Het werk en de prestaties steunen op:
- sturen op de continuïteit
- sociale dynamiek van en tussen de teamgenoten
- ontwikkeling van werk en mensen
- correctiemogelijkheden bij problemen

In de regel wordt dit mogelijk met goede prestatie-indicatoren en met het faciliteren van kennis en sociale balans in een groep.
Goede teams onderscheiden zich doordat de teamleden gekend worden t.a.v. hun respectievelijke kwaliteiten, daarop worden uitgedaagd maar ook leren gebruik te maken van de kwaliteiten van anderen. (Belbin, Covey). Nog betere teams onderscheiden zich door het gevoel dat het werk “er toe doet” en dat het eigen werk daar een bijdrage aan levert (Kotter en Covey)

Bij professionals komt daar een aantal dingen bij. Autonomie staat voorop, met daarnaast trots op eigen prestatie, kwaliteit en ontwikkeling. De valkuilen zijn eigenzinnigheid en onvoldoende teamvorming. Sturing is gecompliceerd. Mathieu Weggeman schreef het managementboek van het jaar 2008: “Sturen op professionals? Niet doen!” Dat is grotendeels maar niet helemaal waar. Minzberg noemde al in 1980 twee belangrijke taken voor een manager in professionele organisaties: verbinden en boeien.
Gebeurt dat onvoldoende dan treden faalfactoren op: versnippering en demotivatie (De Caluwe, Vermaak).
De meest succesvolle oplossingen zijn bekend
• intensieve inbreng en bespreking van externe ontwikkelingen en de eisen die daaruit voortvloeien voor inhoud, werkwijze en prestaties van de groepsleden
• goede prestatie-indicatoren, financieel en kwalitatief
• teamvorming op basis van ieders erkende en gewaardeerde kwaliteiten
• open communicatie
• faciliteren van leren
• bezieling organiseren als rode draad naar de toekomst en om over de rad van de dagelijkse donderende dingen heen te kunnen kijken.


Wat bij professionals niet werkt:
• verticale sturing
• groepsvorming

donderdag 18 maart 2010

Nederlandse Academie voor Arbeidswetenschappen

De opleidingen van de NAAW onderscheiden zich van andere opleidingen door te streven naar een eigen inkleuring van de relatie tussen theorie en praktijk. Elk onderdeel van de studie begint met een oriëntatie op de theorie vanuit de confrontatie ervan met de eigen praktijk. De vraag is steeds: welke theorieën, visies en ontwikkelings(on)mogelijkheden schuilen achter de (eigen) praktijk in bedrijven of achter voorgeschreven of veel gebruikte instrumenten? Vandaaruit wordt steeds een maatwerk studieopdracht ontwikkeld waarvan de resultaten door de cursisten later zelf worden gepresenteerd en uitgewisseld. Om de kwaliteit te borgen wordt de literatuurlijst en de vernieuwing ervan periodiek becommentarieerd vanuit gecertificeerde A&O-collega’s.